Deze website is deel van www.bruggelokaal.be.

.

 
Reis naar Krakau – Auschwitz
 

Dag 1 Woensdag 16 April

 

’t is nog maar pas 2u30, nog pikdonker en toch is het al erg druk op het Dorpsplein.  Valiezen van alle kleuren en formaten worden geladen in de car  en om  3u00 stipt rijden we met 39 personen richting Zaventem. Een vriendelijke dame is onze dienstdoende chauffeur en begeleid ons tot aan de ingangsbalie.

 

Het afgeven van de bagage verloopt  vlot en we hebben nog tijd zat  om nog onze meegebracht ontbijt te verorberen.

Bij het inchecken is er wel nu en dan wat gepiep van de metaaldetector maar na verwijderen van sleutels, of broeksriem in het ergste geval, zijn wij en onze handbagage goedgekeurd voor een veilige vlucht naar Warshau. In de vertrekhall is het nog een uurtje wachten,de een al wat zenuwachtiger dan de ander, voor we in de bus kunnen stappen die ons naar het vliegtuig van Brussels Airways brengt.

 

Erg groot en ruim lijkt het niet in de passagiersruimte maar we kunnen toch onze benen wat strekken. In een zucht zitten we op 8000m hoogte en zien we nog een glimp van ons landje tussen de wolken door. Kruiswoordraadsels en denkspelletjes voor de enen, een hazendutje of een gezellige babbel voor de anderen doen tijd en uur vergeten. Plots horen we een dof gezoem onder onze voeten, het landingsgestel komt te voorschijn en met een zachte dreun bollen we uit, tot ieders opluchting, over de landingsbaan van de vlieghaven van Warschau.  .

09u20 toont de klok als we onze bagage van de loopband nemen.

  





Onze gids Katarzina staat met een brede smile ons op te wachten met een bordje ‘NSB DUDZELE’ in haar handen en geflankeerd door een vriendelijk ogende chauffeur die behulpzaam ons van onze bagage verlost.

Voor we het goed beseffen zijn we al op weg voor een 385 km lange tocht met eindbestemming Krakau.

Onze Poolse gids stelt zich meteen voor en haar verhakkeld Nederlands met een Duits accent met Poolse invloeden komt al even sympathiek als komisch over.

Ze begint met ‘ dammen und herren ‘  en heeft ons de eerste les in de Poolse taal : als u iemand wil bedanken denk dan aan 10 koeien en zeg dan tienkoei.

 

Eerste voorziene halte is Chjestochova, het bedevaartsoord bij uitstek in Polen.

Dit bezoek aan het bedevaartsoord stond niet op het programma maar blijkt achteraf toch mooi meegenomen.

De Zwarte Madonna wordt er vereerd en iedere dag om 12u30’ is er in de basiliek een indrukwekkende ceremonie waarbij er een zilveren afscherming onder trompetgeschal langzaam oprolt en de Madonna, een Middeleeuws icoon, ten aanschouw brengt. Na 5 minuten verdwijnt de Zwarte Madonna opnieuw achter de zilveren sluier voor 24 uur.

Een blijkbaar misverstand tussen de touroperator van Polen en die van het thuisfront zorgt voor wat verwarring over het middagmaal. Na  heel wat heen en weer getelefoneer komen we tot een compromis: wie akkoord is om het voorgestelde menu van de Poolse Touroperator te nuttigen betaald achteraf bij thuiskomst 12.50 € de man. Wie zelf zijn broodje wil kopen mag ook. Uitslag referendum: iedereen gaat mee eten en gelijk hebben ze want van de achterstallige betaling heb ik niets meer gehoord.

 

Het pand had veel weg van een Zwitserse Blokhut, er staat zelfs een bed opgesteld in het restaurant. En het eten? Poolse keuken: Zure soep (is geen verzuurde soep) – varkensvlees met véél groenten en aardappelen – een ijsje als dessert, water gratis en 12 zlotys ( 3,5 € ) voor 1 glas wijn van 12,5 cl  en verder geen klachten.

.

Terug in de car is er ambiance, op de vraag wat voor een fabriek we rechts van de weg zien weet de gids uiteraard dat het een waterzuiveringstation is maar het Nederlandse woord blijft ze schuldig ze legt het  dan maar uit als: Een gebouw voor de technische toestand van het goede water.

 

Om 17 uur rijden we Krakau binnen en is het tijd om onze hotelkamers in te nemen. Om kort te zijn: mooi, modern en net, da’s al een grote opluchting. Het avondmaal was typisch Pools: een zurige soep, een hoofdgerecht met in verhouding weinig vlees, een dessert die zwaar op de maag ligt qua crème au beurre en dergelijke.

 

De flessen wijn die we konden bestellen moesten qua diversiteit niet onderdoen met de glazen; nooit tweemaal dezelfde. Na het eten was een nog wat gezellig napraten in de eetzaal bij een glas wijn of dergelijke niet aan de orde van de dag. Gelukkig maar dat we niet in hoofdzaak naar Krakau gekomen zijn om te eten en te drinken.

 

Dan nog maar een avondwandeling als verkenning en met een Poolse pint van een halve liter spoelen we de rest van de dag door.









 

Dag 2 Donderdag 17 April

 

Een klacht bij de receptie van het hotel qua stugge bediening en gebrek aan wijn tijdens en na het avondmaal wordt gretig genoteerd door een vriendelijke receptionist van dienst. Het morgenmaal mag er zijn qua diversiteit en kwaliteit, niets op aan te merken maar het personeel loopt toch niet over van vriendelijkheid, ‘t is zo van; hetgeen ik doe, doe ik omdat ik het moet doen en moest ik het niet moeten doen dan deed ik het niet.

 

In tegenstelling met het keukenpersoneel zijn we met zijn allen op tijd en zichtbaar goed gemutst present aan de ingang van het hotel, alleen onze Gids Katerzina is met 100 excuses 10 minuten te laat maar we vergeven het haar van harte. Vol enthousiasme verwelkomt  ze ons met “Dammen und Herren” maar wij verstaan dat wel, je weet wel, de oorlog de bezetter en zo. Haar ogen fonkelen van ongeduld om ons op sleeptouw te nemen naar de zoutmijnen van Wielizka. Na een korte wandeling bereiken we de bus.

Het weer oogt goed en dit is ook een meevaller. Onderweg verteld onze Katrine gezwind over de geschiedenis van de zoutmijnen en hoe de rest van onze daguitstap er zal uitzien.  Voor we er erg in hebben

staan we om 1O uur al aan de ingang. Na wat Pools gebrabbel van Katerzina met de uitbaters van de zoutmijn kunnen we beginnen aan het bezoek van de zoutmijnen met 300 km lange hangenstelsel (gelukkig slechts 3 km toegankelijk voor het publiek) al uitgebaat sinds 1044. Wie nog wat conditie heeft daalt met een stijlvolle trap een 350 treden (ik heb ze niet geteld) de diepte tegemoet, de rest neemt de lift. Een nogal nors ogende Pool vergezelt onze groep en loopt als laatste om toe te zien of er geen schapen verloren lopen.

 

Bij het zien van de verschillende zalen, kerken, gangen past er maar één commentaar: indrukwekkend.

Een grote zaal uitgehouwen als kerk met altaren, beelden, vloer, alles in zoutsteen is adembenemend om zien.

Filmen en fotograferen is normaal verboden maar mits betaling mag het wel. Belgen zijn Belgen en wetten zijn er om te omzeilen. Er wordt veel gefotografeerd en weinig betaald. Op het einde van het  bezoek word er nog een groepsfoto gemaakt in de uitgehouwen basiliek door een plaatselijke fotograaf. En zo te zien aan het aantal gekochte foto’s zullen die Belgen toch nog een goede indruk nalaten.

’t Is  middag als we aankomen in Krakau in de Jodenwijk Kazimierz. Aan de vooravond van WO 2 woonden hier 70000 joden..

Van de 6000 Joodse Krakovieten die de oorlog overleefden wonen er nu nog amper 140.

Na een rondleiding van een kleine 2 uren (die Katerzina heeft blijkbaar nooit honger, ze leeft van cultuur) zijn we vrij. Wie wil kan hier ter plaatse in een coher Joods restaurant eten en dan te voet naar centrum wandelen. De rest kan met een al dan niet hongerige maag ofwel te voet ofwel met de bus naar het centrum. Wij met ons groepje verkiezen te voet naar centrum te wandelen.

 

Met een samengetroepte bende leukerds (soort zoekt soort) gaan we op de marktplaats op zoek naar een restaurant. In de talrijke ondergrondse catacomben vinden we onze gading in de “Sioux” .

Een indianenportret verwelkomt ons aan de ingang, eenmaal beneden worden we door een wirwar van gangetjes en bars naar onze plaats geleid door een nep cowboy en alles ziet er erg cowboy’s uit, de

indianen zijn er blijkbaar vanonder gemuisd.

Enfin, we kunnen honderduit kiezen uit de menukaart en de halve liter pinten vinden gretig hun weg.

Tijdens de rest van de namiddag is iedereen vrij, dus tijd om wat te slenteren langs de vele winkelstraatjes.

 

 

Krakau is een beetje Brugge in ’t groot en dit geld ook voor de paardenkoetsen. Die zijn ook aan de grote kant en worden getrokken door 2 paarden. We hebben er zin in (vooral Sylvia) en tezamen met Jacques, Monique en onze ouderdomsdeken Adrienne tekenen we in voor een rit met 2 mooie schimmels en……… een mooi meisje als koetsier. Enfin, de rit, de paarden, de koets, het meisje, het weer, alles is mooi en mits te betalen kunnen we van dit alles genieten.

Het avondeten heeft dezelfde eigenschappen als gisteren: niet slecht, typisch Pools, geen overvloed en bij een tweede bestelling van een fles wijn blijkt die op te zijn.

Voor het slapen gaan kunnen we vanuit onze kamer nog wat genieten van de balletles die zich afspeelt in het gebouw aan de overkant van de straat.

 





.  Dag 3 Vrijdag 18 april

 

 

Gisteren voor we de bus afstapten heeft onze gids Katerzina ons gewaarschuwd in haar sappig taaltje: Dammes und Herren, morgen zal het geen dag van plezier zijn, maar we moeten het doen voor de soort van de plicht  voor de mensen die gestorven worden zijn.

We zullen ook veel met de voeten op zichzelf moeten lopen. We zijn gewaarschuwd.

Een half uur vroeger ontbijten staat op het programma daar we tijdig in Auschwitz moeten zijn, anders moeten we te lang wachten aan de ingang wegens te druk.

Een auto die ten onrechte inritst op de autosnelweg terwijl onze car op hetzelfde moment komt aangereden stuurt regelrecht af op een aanrijding. Gelukkig is onze chauffeur zeer alert en kan hij via een zwenkmanoeuvre verder onheil vermijden. Wat door elkaar geschud maar heelhuids bereiken we Auschwitz.

De grootvader van onze Katerzina was Jood en heeft ook in het kamp verbleven gelukkig op het einde van de oorlog, daardoor is hij de  ontsprongen. Nooit heeft hij aan haar iets willen vertellen over de verschrikking van het kamp. Je moet het maar lezen in de boeken repliceerde hij, het is allemaal de waarheid.

Over het kamp zelf kun je maar één indruk opdoen en dit is de onmenselijke gruwel die een oorlog met zich mee kan brengen. De foto’s van de mensen op weg naar de gaskamer, waarbij de gids vertelde dat er verleden jaar een dame haar moeder herkende zorgen heden nog voor schrijnende confrontaties.

Het zicht van de massa’s haar, kammen, scheerborstels, valiezen en andere persoonlijke bezittingen van al deze vermoorde mensen, de massa’s opgestapelde lege zyklon dozen waarvan 1 doos voldoende was om 2000 mensen te vergiftigen, het lijkt allemaal zo wezenloos….nooit in woorden te vatten.

 

Het is middag wanneer het bezoek beëindigd is en Katerzina wil ons terstond doen doorreizen naar het enkele kilometers verder gelegen Birkenau. Daar men op de site van Auschwitz belegde broodjes en dergelijke kan kopen vraag ik Katerzina om een half uurtje te wachten alvorens te vertrekken om de gelegenheid te hebben om wat te eten.

Terstond wordt er verzamelen geblazen en Katrintje begint met “Dammen und Herren “ en verteld dat ze het zich nog  herinnert van toen ze in België woonde: “van 12 tot 1 in België hailig oertje zijn” vandaar zullen we hier wat rusten, einde speech.

In Birkenau; de spoorlijn, het perron, de barakken de vernielde verbrandingsovens, de wachttorens alles herkenbaar van foto’s maar veel doordringender als je er ter plaatse mee geconfronteerd wordt.

 

Na het bezoek rijden we met de car nog even langs de fabriek met de naam “Chindler”  gekend van de veel besproken film “Chindlers List” en volgens Katerzina een onjuiste weergave van de waarheid.

 Daar we omstreeks 17 uur terug in Krakau zijn hebben we nog ruimschoots de tijd om nog wat rond te slenteren in de stad er is immers genoeg te bekijken.

’s Avonds is er terug ambiance;  wij slagen er in de traiteur te verschalken door al tijdens het eten nog een paar flessen wijn te bestellen die we dan na het eten met zijn allen tijdens een babbel op ons gemakske soldaat maken dit tot groot ongenoegen van het zaalpersoneel die maar al te graag naar huis wil gaan De rest van de avond vult iedereen in naar eigen heug en meug. 

 

Dag 4 : Zaterdag 19 April

 

 

De lucht oogt grijs en het regent, geen goede vooruitzichten voor onze citytrip. Nochtans staat bijna iedereen paraat in de hall van het hotel gewapend met regenjas en regenscherm. Katerzina verwelkomt ons voor een verkenning “met de voeten op zichzelf” zoals ze het zo graag zegt.

Voor wie de tocht naar het eindpunt Wawel  te lastig is kan  met een taxi ter plaatse gebracht worden. Tijdens onze tocht naar Wavel zien we behalve veel regen nog tal van mooie gebouwen die Krakau rijk is.

Ook de vorige Paus heeft er nog gestudeerd en daar kun je niet naast kijken.

De vele barokke kerken die we bezocht hebben vol praal en pracht zijn een weerspiegeling van de macht en rijkdom van de kerk door de eeuwen heen van het diepgelovige Poolse volk.

 

Alles en iedereen die door de eeuwen heen de macht had in Polen verbleef in Wavel en dat hebben we geweten.

Om de bijna vergane glorie van het bouwvallig kasteel terug in zin eer te herstellen heeft men geld ingezameld, niet alleen de gegoede klasse en industriëlen voelden  zich aangesproken, maar ook de man van de straat schonk massa’s oude gouden uurwerken en juwelen om met de opbrengst de restauratie van het kasteel te helpen bekostigen.

Het resultaat mag er best zijn; pracht en praal, middeleeuwse tapijten zelfs van Brugse en Oudenaardse makelij. En Katerzina geniet zichtbaar dat ze ons kan boeien met al dat moois; ze verteld honderduit over de “kastels van de austriaten”, “de korona van de konink” en de zovelen die

“gestorven worden” zijn en “begraven op de aarde” tot eer en glorie van Polen.

In de catacomben ligt zowat het hele vorstendom van de Poolse geschiedenis begraven. Praalgraven zonder weerga.

De basiliek van Wavel herbergt een gigantische klok met een klepel van 300 kg. Volgens de legende komt bij het aanraken van de klepel je innigste wens in vervulling, is dat zo Martine?

Na  het bezoek aan Wavel volgt nog een drink op  de kosten van de N.S.B. die goed gesmaakt wordt. De gids krijgt nog een bloemetje aangeboden namens de ganse groep.

‘s namiddags zijn we vrij , zoals Katerzina het zo mooi kan zeggen: je kan nog naar de markt van de rommel gaan of een kipsen brood eten en goed opletten voor de motoristen op de weg.

Na het avondeten trekt bijna iedereen nog de stad in om nog wat te lanterfanten (wat dat ook mag zijn) . Het is er behoorlijk druk en erg levendig en luidruchtig, Krakau is niet voor niets een studentenstad.

 

 

Dag 5  Zondag 20 april

 

Iedereen heeft het druk met valiezen maken vóór het ontbijt, het weer is triest en druilerig, maar wat maakt het nog uit, we verlaten Polen. Nog een vroege ochtendwandeling leert ons hoe praktiserend katholiek de Polen nog wel zijn. Overal wordt de morgenstilte getemperd door klokkengeluid als oproep voor de missen die beginnen in de talloze kerken.

 

Met een dubbel gevoel verlaten we Krakau, spijtig dat het  gedaan is en blij weer naar huis te gaan. We beginnen aan de lange rit naar Warschau. Katerzina wil ons tijdens de busrit via een videofilm onze geest nog wat opfrissen met Poolse cultuur en kunstschatten maar onze voorkeur gaat naar een meer ontspannende Amerikaanse avonturenfilm.

 

Tegen de middag nemen we ons middagmaal in een volks baanrestaurant. Een soep met veel deegwaren en een soort schnitzel als hoofdgerecht wordt  onze laatste Poolse maaltijd en valt goed in de smaak.  Zout en peper staan op tafel in confituurpotten waarvan er in het deksel gaatjes zijn gemaakt.

 

Eenmmaal terug in de bus wordt er nog een omhaling gedaan voor de gids en de chauffeur als beloning voor de goeie service.  Door de vele wegenwerken wordt de voorziene rondrit in Warschau afgelast, kwestie van niet te laat op de vlieghaven aan te komen. Een kort bezoek aan een winkelcentrum om ons van onze laatste Poolse zloty’s  te verlossen kan er wel nog wel van af.

Katerzina bedankt  nog voor onze vriendelijkheid en financiële waardering en deelt ons terloops mee dat we straks in de luchthaven door haar en de chauffeur tot de terminal zullen begeleid worden met de woorden “ straks gaan we met zijn allen terminaal”

 

Bij de paspoortcontrole en aan de metaaldetector gaat het er op zijn zachtst gezegd minder vriendelijk aan toe dan bij het vertrek in Zaventem. Nors kijkende beambten met meer kepie dan hoofd doen aan muggenzifterij en dwingen onze groep aan een ware omkleedpartij eer we geluidloos de metaaldetector kunnen passeren. 

 

Het vertrek met de Boeing verloopt met wat vertraging door het druk luchtverkeer in Zaventem maar de vlucht loopt verder perfect.

Een slechte afspraak met de touroperator van het thuisfront zorgt voor nog wat heen en weer  geloop in de aankomsthall aleer we in de drukte onze wachtende bus vinden. Omstreeks 22u30’ staan we terug op

Dudzeelse bodem en resten ons alleen nog de herinneringen aan een land, zijn cultuur, zijn geschiedenis, zijn  volk en vooral onze Gids Katerzina  die we zeker nog lang zullen herinneren.    

 

Martin Van Acker