Deze website is deel van www.bruggelokaal.be.

BECKENHAM

 

Prentbriefkaarten krachtiger dan kogels

De eerste verjaardag van een oorlog

kaartje voor thuisfront

                Tijdens de Groote Oorlog werden miljoenen kaartjes verstuurd.

De oorlog was hard voor hen die achterbleven in een verre vreemde omgeving; als ongewenste vluchteling, verschoppeling van geweld, verstoken van informatie, blootgesteld aan onzekerheden en angsten.

Het is moeizaam hoop te creëren wanneer je enkel herinneringen hebt aan je geliefde. Toekomst is dan iets dat traag in het verleden gezogen wordt. Het verleden vermag enkel troost te zijn.

Prentkaartjes zoeken, kiezen, schrijven en versturen werd bijna een ritueel. Men kon iets doen; heel even werd de pijn op een valse manier verschalkt en vond men een beetje verlossing.

De intimiteit van het versturen en de spanning gecreëerd door het wachten op een antwoord had iets bezwerend, alsof men een illusoire regeling met het lot had geforceerd. Door het kaartje werd een pakt met de bestemmeling afgesloten; fatsoen vereiste dat hij of zij zou antwoorden en dus in leven zou blijven.

Het lange verwachte antwoord zal echter de eenzaamheid opnieuw pijnlijk aanscherpen. Soelaas en een weinig verheffing kon enkel gevonden worden in het schrijven van een nieuw kaartje.

Sergeant Rombaut van het 14de Linieregiment had geluk. Zijn echtgenote was bij het uitbreken van de oorlog gevlucht naar Engeland en woonde in Beckenham, Manor Road (Kent) als vluchtelinge. George en Anna konden elkaar zien indien omstandigheden dit toelieten.

En toch staat deze eenvoudige gekleurde kaart, met haar boodschap van troost en hoop, symbool voor een totaal ander soort wapen in de oorlogsvoering. Postkaarten waren een wapen dat er op gericht was om de publieke opinie te beïnvloeden; een eenvoudig maar sterk wapen tegen oorlogsmoeheid.

De lengte van de boodschap van Anna was niet belangrijk. Het kaartje toonde aan de bestemmeling dat de geliefde nog leefde, contact zocht en zorgde zo voor geruststelling. Iedereen was blij zoiets te mogen ontvangen. De tekst op de voorzijde van de postkaart nodigt uit elkaar te schrijven.

Het kaartje verborg echter een andere paradox; enerzijds was er een boodschap van hoop van de afzender ("dikke kussen") maar anderzijds hielp het kaartje de bestemmeling, de frontsoldaat, om de strijd verder te zetten want zonder nieuws van thuis was de oorlogsellende niet vol te houden. De oorlog, de strijd, viel niet stil want het monster voedde zichzelf.

Tussen mijn vingers gleed een kaartje die aantoonde hoe de Groote Oorlog zich door gans de maatschappij had gekankerd en verankerd en zich niet schaamde om de liefde tussen twee mensen te misbruiken ten dienste van het verderzetten van de oorlog. Het kaartje werd verstuurd toen de oorlog net een jaar oud was; 4 augustus 1915. Er zouden nog meer dan drie jaren volgen, en miljoenen verstuurde kaartjes.

            Mijn liefste echtgenoot, ontvang deze dikke verre kussen. Uw vrouw Anna.

4 augustus 1915

Tekst: P.De Vuyst

Afbeelding: collectie P.De Vuyst (Bamforth & Co, LTD, Publishers, n° 4788/3)